Minister van Staat Max van der Stoel nam tijdens de nieuwjaarsontmoeting van Osmose, op 24 januari 2007, het eerste exemplaar in ontvangst van de bloemlezing Hoezo tolerant?. Daarin geven bekende en minder bekende Nederlanders hun visie op het thema tolerantie en de multiculturele samenleving. "Ik hoop dat het boek door velen wordt gelezen en dat de boodschap door velen wordt verstaan."
Van der Stoel benadrukte na afloop van de nieuwjaarsontmoeting hoe belangrijk hij het vond om het boek Hoezo tolerant? in ontvangst te nemen. "Tolerantie is zo'n belangrijk onderwerp. Het boek biedt een enorm interessante verscheidenheid aan invalshoeken over tolerantie. Er bestaat al tientallen jaren discussie over de betekenis van dat begrip. Met Lubbers vind ik dat we geen genoegen moeten nemen met een minimalistische interpretatie. Tolerantie is niet alleen een kwestie van gedogen en verdragen, maar ook van respect en waardering voor de positieve eigenschappen van de ander."
Het boek kan mensen wakker schudden, denkt Van der Stoel. "Er gaat geen dag voorbij of we worden herinnerd aan de spanningen die de multiculturele samenleving oproept. Het zoeken naar een oplossing die aan alle betrokkenen recht doet is misschien wel het grootste probleem waar Nederland voor staat. Daarom is het zo belangrijk kennis te nemen van de verschillende visies op de multiculturele samenleving."
Van der Stoel pleitte tijdens zijn toespraak voor uitbreiding van de taken van de commissaris Minderheden van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE), een functie die hij zelf acht jaar bekleedde. "Gewoonterecht bepaalt dat de commissaris zich alleen met klassieke en niet met nieuwe minderheden bemoeit. Dat is een volslagen willekeurige begrenzing. Ik zou graag zien dat de commissaris ook suggesties kan doen om een grotere harmonie te bereiken tussen autochtonen en allochtonen. In Nederland kan hij bijvoorbeeld het accent leggen op het stimuleren van dialoog om zo een verkeerde beeldvorming te voorkomen."
Nederland heeft zichzelf altijd tolerant genoemd, maar nu er zoveel allochtonen zijn, blijkt die tolerantie ineens minder, zegt Van der Stoel. "Vooral rechts-extremisten hebben veel kwaad bloed gezet door steeds te wijzen op het moslim-extremisme. Die eenzijdige beeldvorming roept schrikreacties op, die lang doorwerken." De strijd tegen rechts-extremisme is een essentieel onderdeel van de strijd tegen terrorisme, vindt Van der Stoel. "Als we het over wij-zij hebben, moeten we er steeds op hameren dat 'wij' de autochtonen en het overgrote deel van de allochtonen zijn, terwijl 'zij' een klein gevaarlijk groepje extremisten zijn."
Van der Stoel zegt bezorgd te zijn over het gevaar van isolement. "Zowel autochtonen als allochtonen zijn geneigd zich in hun eigen groep terug te trekken. Kijk naar het ontstaan van zwarte scholen. Er dreigen twee soorten Nederlanders te komen, die nauwelijks nog contact met elkaar hebben. Juist daarom vind ik het zo geweldig wat Osmose doet. Zij zien de noodzaak van dialoog. Ik hoop dat Osmose de aanvoerder is van een steeds breder wordende stroming die begrijpt dat dialoog de sleutel is om de problemen op te lossen. Die dialoog moet leiden tot een Nederland waarin voor autochtonen en allochtonen evenveel plaats is."
1947: doctoraal rechten in Leiden
1953: doctoraal vrije studierichting (hoofdvak sociologie)
1960 - 1963: lid van de Eerste Kamer namens de PvdA
1963 - 1965: lid Tweede Kamer
1965 - 1966: staatssecretaris van Buitenlandse Zaken in het kabinet-Cals
1967 - 1973: lid Tweede Kamer
1973 - 1977: minister van Buitenlandse Zaken in het kabinet-Den Uyl
1977 - 1981: lid Tweede Kamer
1981 - 1982: minister van Buitenlandse Zaken in het tweede kabinet-Van Agt
1983 - 1986: ambassadeur bij de Verenigde Naties
1986 - 1992: lid van de Raad van State
1991 - heden: minister van Staat
1991 - 1999: VN-rapporteur voor de naleving van de mensenrechten in Irak
1993 - 2001: Hoge Commissaris inzake Nationale Minderheden van de OVSE
Verschenen in: Kiosk (Osmose) in februari 2007.