“Meedeinen met de grillen van de natuur”


De veertien woonboten in ‘t Meertje bij Nijmegen komen vrijwel elk jaar droog én scheef te liggen. Dat betekent: de koffiekopjes maar halfvol schenken, zorgen dat je niet uit bed rolt en wennen aan een vertekende horizon. Maar het heeft ook zijn charme: “De kinderen maken modderglijbanen.”


"Je bent eigenlijk net te laat", zegt Karen Dansen, als ze de deur van haar woonboot de Waelkiek2 opent. "We drijven weer! Sinds afgelopen maandag." Het is 21 juli en 'afgelopen maandag' is drie dagen geleden. De Waelkiek2 lag vier maanden droog.


Karen en haar man Bas Mulders wonen sinds 2000 op een woonboot. “We wilden graag buiten wonen, maar toch de stad in het vizier houden. Toen hier op ‘t Meertje een boot te koop lag, hebben we die in een impuls gekocht.” ‘t Meertje, een inham van de Waal ter hoogte van de Nijmeegse Waalbrug, telt veertien woonboten, die 'een gemeenschapje van vrijbuiters' vormen. De bewoners zijn gesteld op hun privacy, maar voelen zich verbonden en zijn altijd bereid elkaar te helpen. “Twee jaar geleden waren we met Kerstmis op vakantie. De afvoer was bevroren en de hulp had per ongeluk een kraan open laten staan. Het water kon niet weg en de boot liep vol. Terwijl wij vakantie vierden, stonden onze buren te pompen om te voorkomen dat onze boot zou zinken.”


Begin 2011 stond het water in de Waal zo hoog dat Karen de loopbrug naar de wal moest verlengen. Daarna daalde het peil snel tot de Waelkiek2 in maart droog kwam te liggen. Net als vrijwel elk jaar. “Zodra het waterpeil lager is dan 8.20 meter bij Lobith, is het raak.” Droogliggen gaat geleidelijk. De lampen - normaal gesproken altijd in beweging - wiegen steeds minder. De boot piept en kraakt niet meer. De fotolijstjes in de hal die rustiek tegen de wand tikken, zwijgen. “Als ik dat merk, loop ik naar de kast. Kom maar eens mee. Kijk, zie je dat kettinkje hangen? Als we waterpas liggen, hangt het loodrecht, precies voor die kerf. Als we droogvallen, gaat het kettinkje uit het lood hangen. De afgelopen maanden hebben we tot 12 graden scheefgelegen.”


Op het droge liggen betekent dat de koffiekopjes maar halfvol mogen, de soep scheef in de borden staat en er rond de boot een zandvlakte zichtbaar wordt, met uitstekende ankers en hier en daar een afgedankte fiets. “Verder loop je voortdurend scheef en heb je steeds een extra hand nodig om de openvallende deur van de koelkast of vaatwasser tegen te houden.” Ook het gevoel is anders: “Je weet niet beter dan dat je horizon waterpas is. Maar als we scheefliggen en we kijken naar de schepen op de Waal, lijkt het of ze omhoog varen. Een heel aparte gewaarwording.”


De kinderen van Karen en Bas kan de schommelende waterstand weinig schelen. "Wat ik liever heb: hoog of laag water?", herhaalt Kamiel (11) de vraag. "Ik weet het niet. Het is allebei leuk." Karen beaamt dat. "Met hoog water kunnen ze zwemmen en varen. Met laag water hebben ze de grootste schik met het maken van modderglijbanen. Ze leggen binnen knikkerbanen aan en laten de knikkers vanzelf door de scheve boot rollen." Bente (7) klemt boeken rechtop tussen het matras en de rand van haar bed. Een literair vangrailtje dat voorkomt dat ze uit bed rolt.


Schade lijdt de Waelkiek2 nauwelijks. De boot - vijftien bij acht meter, een stalen casco en een golvende houten opbouw - is ontworpen met een lage waterstand in het achterhoofd. Dat betekent bijvoorbeeld dat alle afvoerputjes aan de goede kant zitten en dat de keukenlaatjes zo zijn geplaatst dat ze niet klem komen te zitten, maar altijd open kunnen. Karen: “Er zit een scheur in de badkamermuur en de wc-deur klemt een beetje. Dat is het wel. Het lage water is vooral ongemakkelijk. Maar het heeft ook iets moois: je moet meedeinen met de grillen van de natuur.”


Toch zou Karen het liefst het hele jaar drijven. “We bekijken of het mogelijk is een dammetje aan te leggen bij de monding van 't Meertje om zo een stabiel waterpeil te krijgen.” Een andere optie is uitbaggeren. “Niemand kan zich herinneren dat voor het laatst is gebeurd. De gemeente Nijmegen heeft beloofd om in 2013 te gaan baggeren, maar ik moet het nog zien. De kans is groot dat ze in een drukker deel van de haven beginnen en dat het geld op is voor ze bij ons aankomen.”


"Kijk," zegt Karen ineens, terwijl ze haar vinger opheft, "zie je de lampen bewegen? Nu weet je dat we echt los zijn. We zijn geen landrotten meer. Het is alsof de natuurlijke orde is hersteld: zo is het leven op een boot bedoeld."


We lopen tot slot naar beneden, naar de slaapkamer van dochter Bente. Tussen matras en bedrand staan twee grote prentenboeken: het vangrailtje. "Dat is nu niet meer nodig, hè?", lacht Karen. Bente trekt de boeken uit haar bed en laat ze met een plof op de grond vallen. "Zo!"


Verschenen in september 2011 in Vlot. Wonen op het water.


  • Home
  • Artikelen
  • Boeken
  • Webteksten
  • Debatverslagen
  • Jaarverslagen
  • Eindredactie
  • Research
  • Profiel
  • Opdrachtgevers
  • Contact

    

Copyright © 2011 Machiel van Zanten | 06 - 22 25 97 98